Kies jouw taal
Jouw mening over de school is belangrijk

Leer vocabulaire over reizen in het Spaans-Nederlands met Route 66 Idiomas

Enkele handige zinnen met betrekking tot reizen

We gaan in detail wat Spaanse zinnen laten zien die erg handig zullen zijn tijdens het reizen:

Eenretour Madrid graag. Quisiera un billete de ida y vuelta a Madrid.

Hoe laat vertrekt de volgende bus? ¿A qué hora sale el próximo autobús?

Kun je mij vertellen hoe ik bij…..kom? ¿Puedes decirme como ir…?

Rechtdoor Todo recto

Linksaf Izquierda 

Rechtsaf Derecha  

Hoeveel kost een taxi naar het centrum?¿Cuánto cuesta un taxi al centro de la ciudad?

Hoe laat moeten we boarden? ¿A qué hora embarcamos?

Waar is de check-in balie voor de vlucht naar Londen?¿Dónde está el check-in para el vuelo a londres?

Heeft u kamersbeschikbaar?¿Tiene habitaciones disponibles?

Hoe laat is het ontbijt?¿A qué hora es el desayuno?

Hoeveel kost het?¿Cuánto cuesta?

Waar is__________?¿Dónde está _____?

…het treinstation…la estación de trenes?

…het busstation…la estación de autobuses?

…het vliegveld…el aeropuerto?

…het centrum…el centro? (de la ciudad)

…de buitenwijken…los suburbios?

…het jeugdhostal…el hostel?

…het______hotel…el hotel _____?

Deel!